De sport geocaching werd mogelijk door het uitzetten van de Selective Availability-functie van het Global Positioning System op 1 mei 2000.
De eerste gedocumenteerde cache is geplaatst op 3 mei 2000 door Dave Ulmer. De locatie werd bekendgemaakt in de usenet-nieuwsgroup sci.geo.satellite-nav.[1] Op 6 mei 2000 was de cache tweemaal gevonden.

Een cache is gewoonlijk een kleine waterdichte doos, voorzien van een logboek en de "schat". Tegenwoordig kan dit ook een dusdanig kleine cache (nano-cache) zijn dat er alleen een logboek in zit.
Na het verstoppen van de schat maakt de plaatser via internet de locatie bekend aan andere geocachers. Anderen kunnen bij het vinden van de schat vaak voorwerpen ruilen en/of toevoegen.
In de schat is altijd een logboek aanwezig, waarin de vinder zijn naam achter kan laten. Het is ook de bedoeling dat de vinder op de geocaching-website een log achterlaat, ook als het niet is gelukt de schat te vinden.

Tegenwoordig zijn er ook applicaties voor verschillende smartphones. Met deze apps is een kaart te zien met alle caches in de omgeving en is er de mogelijkheid om een log op de website te plaatsen.

Wanneer de "schat" gevonden is, is het niet de bedoeling de exacte ligplaats van de schat te vertellen. Deze locatie moeten de andere geocachers zelf vinden. Vaak staat er wel een hint op de site van de cache. Het is juist de sport dat men een beetje moeite moet doen met het zoeken.

Als de "schat" gevonden is moet men de schat, na het loggen en ruilen, weer op precies dezelfde plek en manier "terug leggen", ervoor zorgend dat bij het pakken en terugleggen ervan andere mensen niet zien wat men aan het doen is en waar de schat ligt.
De caches zijn er in diverse maten, van de grootte van een fietsventiel, of een fotorolletje waar alleen een logboekje in zit, tot een munitiekistje of emmer waar men dan de goodies in zou kunnen vinden.
Diverse voorbeelden caches
Home  -  Blog  -  Resident  -  Geotrips  -  Santa Pola  Geocaching - Nostalgie